nlenfrde

‘Harde wetten zijn een garantie voor onrecht’

Voorzitter Raad voor de rechtspraak roept op om de balans in de trias beter te bewaken

Den Haag, 04 maart 2021
‘Harde wetten waarbij de weg naar maatwerk voor de rechter is afgesneden, zijn een garantie voor onrecht.’ Dat stelt Henk Naves, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak in het vandaag gepubliceerde Jaarplan 2021 van de Rechtspraak (pdf, 1,1 MB). Hij roept politici op de rechter niet verder te beperken in zijn mogelijkheid om een oordeel te vellen over de persoon die voor hem in de zittingszaal verschijnt. ‘Een wet kan de werkelijkheid maar zelden vangen.’
 

In zijn voorwoord van het jaarplan schrijft Naves over het belang van maatwerk voor de rechter bij de uitoefening van zijn ambt. Directe aanleiding is het onlangs door de Tweede Kamer aangenomen wetsvoorstel over een taakstrafverbod bij geweld tegen hulpverleners. 'Het voorstel klinkt sympathiek en ik begrijp het gevoelsmatig wel, want van onze hulpverleners blijf je af,' aldus Naves. Maar dergelijke wetsvoorstellen ontkennen volgens hem de complexiteit van de samenleving, wat grote gevolgen kan hebben. 'We hebben allemaal gezien waartoe het kan leiden als voorbij wordt gegaan aan de persoonlijke omstandigheden van het individu. Het leed kan onvoorstelbaar zijn.'

Toeslagenaffaire

 

Naves doelt daarmee op de toeslagaffaire. ‘Het is een volstrekt andere casus, maar als het ons iets heeft geleerd dan is het wel dat de staatsmachten altijd met een menselijke blik naar de persoon voor hen moeten kijken. Dat er een oplossing mogelijk moet zijn als iemand tussen de raderen van het systeem dreigt te worden vermalen.’ Voor zo’n oplossing moet dan wel de ruimte zijn, stelt hij.

Om vergelijkbaar onrecht in de toekomst te voorkomen, moeten staatsmachten in de spiegel kijken, schreef de commissie die onderzoek deed naar de toeslagenaffaire. Bestuursrechters onderzoeken hun rol bij de toetsing van overheidsoptreden in het algemeen en bij kinderopvangtoeslagzaken in het bijzonder. Naves: ‘Er wordt gezocht naar antwoord op de vraag waarom rechtspraak niet in staat bleek mensen te beschermen tegen een op hol geslagen overheid, maar ook of vergelijkbare risico’s spelen bij andere procedures. Heersende jurisprudentie die als te knellend wordt ervaren, is voortaan onderwerp van overleg binnen elk rechtsgebied.’

Balans

 

Na deze zelfreflectie moet volgens Naves een stevig gesprek tussen staatsmachten volgen, iets wat dreigt te worden vergeten. Zo werpt hij de vraag op of het niet beter was geweest als de commissie die onderzoek deed naar de toeslagenaffaire, ook vertegenwoordigers van de Rechtspraak had gevraagd naar hun kijk op de gebeurtenissen. Om pas daarna verdergaande conclusies over rechtspraak te trekken. De door de Tweede Kamer aangenomen motie waarmee de Venetië Commissie wordt gevraagd te adviseren over de bestuursrechtspraak in Nederland, verbaast hem. Ook hier deed de Kamer dit namelijk zonder eerst de rechtsprekende macht te consulteren. ‘Is dit hoe we de balans in de trias zien?’, vraagt hij zich af. ‘Ik zie dat het gesprek tussen staatsmachten beter kan worden gevoerd. Bij mogelijke institutionele wijzigingen zou het niet zo moeten zijn dat 2 staatsmachten bepalen hoe die vorm krijgen zonder de derde te hebben gehoord. Volgens mij is de gemene deler dat we allemaal de rechtsstaat in balans willen zien. Laten we niet aan elkaar voorbij gaan.’

Dat betekent volgens de voorzitter van de Raad ook dat de Rechtspraak zich niet mag verschuilen achter onafhankelijkheid. ‘Onze autonome positie brengt het risico met zich mee dat we vanaf de zijlijn kritiek uiten zonder directe verantwoordelijkheid te dragen. Dat past een staatsmacht niet. Van ons mag (en kunt) u verwachten dat wij ons op gepaste wijze zullen mengen in het maatschappelijk debat.’

Forse investeringen

In zijn voorwoord stelt Naves verder dat voor een goed functionerende rechtsstaat extra investeringen noodzakelijk zijn. In een toelichting gaat hij verder in op wat er de komende jaren nodig is om rechtspraak op hoog niveau te kunnen bieden: ‘Het gaat om zo’n 100 tot 150 miljoen euro extra per jaar. Het geld is onder meer bedoeld voor ongeveer 200 nieuwe rechters die kunnen helpen oplopende voorraden terug te dringen en behandeltijden te verkorten. Helaas heeft het coronavirus gezorgd voor nog meer druk op dit vlak. Maar ze zijn ook nodig om innovatieve projecten als “de nabijheidsrechter” te laten slagen.’

Naast extra rechters moet de Rechtspraak onder meer forse stappen zetten op het gebied van digitalisering en lopen ook de kosten op het gebied van innovatie de komende jaren op. Er is een toename van megazaken in het strafrecht en ook de invoering van het nieuwe wetboek van Strafvordering zal kostbaar zijn, net als de toenemende lasten voor huisvesting vanwege strengere duurzaamheidseisen. Naves: ‘Met onze huidige begroting kunnen we dit soort kosten niet dragen. Terwijl je ze wel moet maken, wil je als Rechtspraak bij de tijd blijven.’

Stabiliteit

Investeringen alleen zijn niet voldoende, vindt Naves. ‘Jaren van bezuinigingen en instabiele begrotingen hebben hun sporen nagelaten binnen de Rechtspraak. Er moet structureel meer stabiliteit komen en onze begroting moet robuust zijn. Dat geldt niet voor onze organisatie alleen, maar bijvoorbeeld ook voor het Openbaar Ministerie, de politie en de advocatuur. Een democratische rechtsstaat is niet gratis. Als het economisch tegenzit kan je niet opeens even genoegen nemen “met een onsje minder rechtsstaat”.’

Jaarplan van de Rechtspraak 2021 (pdf, 1,1 MB)


Gewoon wat vraagjes: 

Hoe kan het zijn dat talloze verantwoorde, liefdevolle ouders worden uitgebannen , juist door familierechters, achter gesloten deuren, zonder dat er onder ede is gehoord? Wetende hoe de jeugdbeschermingsketen functioneert?

Hoe kan het zijn dat familierechters ouders terug blijven verwijzen naar de door zichzelf toegegeven handelingsonbekwame keten?

Waarom zijn er geen integriteitstoesten voor rechters die enorme levensbepalende beslissingen nemen?

Hoe kan het zijn dat familierechters willens en wetens informatie, wetenschappelijk gevalideerde rapporten , maar ook de ouders zelf , uitsluiten, zonder enige consequenties?

Hoe kan het zijn dat niet 1 ouder in staat wordt gesteld om klachten in te dienen tegen rechters die willens en wetens een verantwoorde ouder hebben uitgebannen ? Want wat kan een ouder nog meer dan in gedrag laten zien gelijkwaardig in het leven van zijn/haar eigen kind te mogen zijn?

Hoe kan het zijn dat rechters anamnese en forenisische diagnose bewust uit de weg gaan?